Anna Heringa-Jongbloed (1901-1945)

Anna heeft een pension in Amsterdam. Haar tweede man, Gerard Heringa, is arts. Die zich in de bezettingstijd aansluit bij het Arsenverzet. De Duitsers geven het bevel dat Joden en zwakzinnigen gesteriliseerd moeten worden. Gerard weigert en wordt in 1942 gearresteerd. Anna blijft met vier kinderen achter en neemt vanaf dat moment Joodse onderduikers in haar pension op. Ze wordt verraden, gearresteerd via de gevangenis in Amsterdam komt ze in Kamp Vught terecht, en daarna in Ravensbrück.

Anna is 42 jaar, vrolijk en altijd behulpzaam en zorgend voor anderen. Ze is een echte kampmoeder.

Zij was één van de vrouwen die door ons als kampmoeder werden ervaren. Niet alle moeders werden vanzelfsprekend kampmoeders, evenmin als alle jongeren zich kampdochters voelden. Ik hield van mijn kampmoeders en ik koester mijn herinneringen aan deze geweldige vrouwen. Er zijn meer van deze vrouwen. Zij maken het leven voor de anderen een stuk draaglijker.

– een jonge mede-gevangene. Uit: Tineke Wibaut-Guilonard, Kamp Vught 1942-1944, In gevangenschap Getekend

Het dagelijks leven in Kamp Vught wordt grotendeels beheerst door de Duitse hulpbewaaksters: Aufseherinnen genoemd, die scheldend en tierend door de barakken lopen en straffend naar willekeur.

Anna vindt toch de tijd om brieven te schrijven, van kleine lapjes katoen uit de naaikamer en uitgehaalde draadjes wol kleine creaties te maken voor haar vriendinnen.

Na de ontruiming van Kamp Vught op 6 september 1944 wordt zij naar concentratiekamp Ravensbrück afgevoerd. Daar is de toestand vreselijk; het wordt ook wel de hel van Ravensbrück genoemd.

Daar overlijdt ze in januari 1945 aan tyfus.

Astrid Sibbes speelt Anne

Lees meer op: http://www.philips-kommando.nl/blauw_persoon1.html