De barak daar woon je…

© Frank C. Everards

De barak daar woon je
net als in een huis
vol luizen, kou, zonder een deken
alles op een vaste plaats

De barak daar woon je
met heel veel andere vrouwen
samen slapen, werken, ruzie maken
daar troost je elkaar

De barak daar woon je
daar leer je verder kijken
touwtjes draaien, schroeven en monteren
je komt er handen te kort

De barak daar woon je
daar zijn verrassende dingen
strafappél, controles en waterige soep
er is altijd weer iets te beleven

De barak daar woon je
elkaar luizen, borduren, zingen, dichten en cabaret
niet zogenaamd
nee echt …

De barak daar woon je
met zijn drieën in één bed
op een stromatras vol luizen
samen aan de lopende band

De barak daar woon je
binnen en buiten
sjouwen, zand verplaatsen, werken
spannend wie blijft overeind

De barak daar woon je
daar laat je je zien (of toch niet)
angstig, treurig, moedig, godsdienstig
een hechte band ontstaat

De barak daar woon je
weken, maanden, jaren onbemind
ziekte, ontmenselijking, honger en verzet
de wilskracht om samen te overleven wint

– een vrije bewerking van het gedicht “de klas daar woon je” door Marielle Kolster

Ravensbrück: een koninkrijk op aarde!

Met een bevrijdende afstandelijkheid ruilt Mary Vaders haar slachtofferrol in voor die van een kritische en verbaasde toeschouwer.

Wat is een bed in Ravensbrück
Een koninkrijk op aarde!
Wanneer de ploeg uit werken gaat
Stijgt het pas écht in waarde!

Wat is een bed met drie vrouw sterk
Je kunt er amper keren
En doodop moet je na het werk
Een vlo en luizen weren

Wat is je bed, vlak voor appél
De strozak en de planken
Het bed is, met het hele stel
Behagelijk met stanken

Wat is een strozak op de grond
Het meest aan te bevelen
Daar je de deken niet terstond
Met drie behoeft te delen

Wat is je bed bij moeder thuis
Schoon en verzorgd, een wonder!
Zonder één vlootje of één luis
Zonder eeuwig gedonder!

Wat was je bed? Een houten geval
Met stro en voddenlappen
Waar je voor werk en strafappél
Je steeds weer uit liet trappen

Uit boek: Samen Eervol Overleefd van Hans Suijs

Foto barak: Uit fotocollectie WOII – Frank C. Everards

Het boek “Samen Eervol Overleefd” is te bestellen voor € 24,95 (ex. verzendkosten)

Stuur een mailtje met onderwerp: bestelling boek
en vermeldt je naam en adres via onderstaand contact formulier:

Om spam te voorkomen vragen we u de
onderstaande code over te typen.

captcha

Ravensbrück-les-bains (zalig oord)

Ravensbrück-les-bains (zalig oord)

Als ik bij mijn machine zit te denken
Aan Ravensbrück-les-bains, dat zalig oord
Die plaats bekend om al zijn mooie vrouwen
Zie ‘k weer wat daar mijn oog heeft bekoord

Nooit zal ik vergeten die stralende dag
Aan het Ravensbrücker strand
Al wat het Lager aan schoonheid bezat
Lag uitgestald in ‘t witte zand

‘k Zie weer dat bultige bottige been
Die magere rug, ‘t bot steekt erdoorheen
Die weeld’rige pieken zo dor en zo steil
Die badhanddoek, pardon, ‘t is geen dweil

Nooit zal ik vergeten die schitterende pracht
Van het Ravensbrücker zomertoilet
De mode brengt ons dit jaar een blauwgrijze streep
Bij voorkeur gekreukeld en geplet

Mijn trommelvliezen worden bont en blauw
Door ‘t lieflijk gekrijs ener hysterische vrouw
In mijn badstoel met de poten omhoog
Houd ik mijn zonnepakje droo-oo-oog

Bron: ‘Hoor de vrouwen zingen’, liedjes uit Vught en Ravensbrück;
Literair Eetcafé Miller, 1987

Hoe overleef je een nazi-concentratiekamp?

Door op God te vertrouwen, door in het socialisme te geloven of door tekeningen te maken op vodjes papier. Hetty Voûte en Gisela Söhnlein zongen zich erdoorheen .

HET ZIJN NU dames van ver in de zeventig, maar hun meisjesachtige vrolijkheid is nog altijd aanstekelijk. Ze zijn ook niet te beroerd de liedjes die ze in Vught en Ravensbrück hebben gemaakt nog eens te zingen of een aanleiding te zoeken er nog een coupletje bij te maken. Hetty Voûte en Gisela Söhnlein waren in 1940 nette studentes. Zoals het hoorde waren ze lid van keurige vrouwelijke studentenverenigingen in Utrecht en Amsterdam. Ze waren allebei van goede familie en wilden in de eerste plaats van het leven genieten. En dat deden ze ook wel degelijk, maar dan dwars door verzetswerk, gevangenschap en concentratiekamp heen. Want de Duitsers kwamen en maakten dat genieten moeilijker.

Max Arian

1 mei 1996 – verschenen in nr. 18

Hetty Voûte ging bijna onmiddellijk verzetswerk doen. Ze bracht het illegale krantje rond dat twee van haar broers maakten, ze pleegde op haar manier sabotage (‘Heel flauw, fietsbanden van NSB’ers doorsnijden en kraaienpoten op de weg strooien’) en spioneerde zelfs voor de Engelsen: ‘Als studente biologie kreeg ik een vergunning om aan de kust fischereiwichtig onderzoek te doen. Aan een jongen die een radio had, gaf ik door waar een nieuw stuk luchtafweergeschut zat. Maar dat was allemaal amateuristische onzin.

Toen in 1942 de razzia’s tegen joodse mensen begonnen, wilde ik …

Lees verder: https://www.groene.nl/artikel/ravensbruck-op-rijm